Doelen onderscheiden
In de godsdienstige opvoeding onderscheiden we een aantal doelen. Niet alle doelen komen telkens even belangrijk naar voren. In de schoolklas bij de katecheseles leg je, onderwijs eigen, een belangrijker accent op het cognitief aspect: kennen, weten.
Wanneer je de kinderen meeneemt naar de kerk, komt er een ritueel aspect bij: hoe vouw je je handen, knielen, een lichtje aansteken en een gebedje opzeggen.
Wanneer je naar aanleiding van een bijbelverhaal de kinderen leert delen zit er een sociaal aspect aan vast.
En je kunt ook de moraal uit een verhaal wat meer benadrukken: een ethisch doel is dan het belangrijkste.
In de KleuterKerk is het affectieve doel het belangrijkste: de kinderen leren dat geloven, vertrouwen op Jezus gewoon fijn is. Dat je daar troost van kunt ondervinden. Dat je niet meer bang hoeft te zijn in het donker, omdat Jezus altijd bij je is. Het kan je bemoedigen, de ogen openen voor het verdriet van de ander. De affectieve doelen zijn in dit model het belangrijkste.
